Een andere benadering van FOG

Share on twitter
Share on linkedin
Share on facebook
Share on google

Continue in English.

Het probleem van olie en vet (ook wel FOG: fat, oil and grease) in onze riolen zal niet verdwijnen. Sterker nog, kijkend naar de verwachte bevolkingsgroei, zal dit probleem alleen maar toenemen, vooral in de steden. Dus, wat moeten we doen om het probleem in de toekomst beheersbaar te houden en moeten we olie en vetten gaan zien als grondstof in plaats van afval?

Dit thema werd diepgaand besproken tijdens onze European FOG Summit 2019 conferentie, dat in maart in Amsterdam werd gehouden. 

Andrew Bird, futuroloog bij het Canadese Futurologies Consulting, voorziet de FOG-sector van onafhankelijke inzichten, innovaties en advies. Tijdens zijn presentatie op de conferentie legde hij uit: “De demografie verandert; mensen trekken meer naar de steden, niet er van weg. De impact op de rioolstelsels wordt alleen maar groter. Dus zal er altijd FOG in het stelsel zitten – maar kunnen we het op een andere manier verwerken? Kunnen we dit spul verzamelen en als grondstof gebruiken? We moeten in kansen gaan denken voor dit materiaal en de denkwijze zo veranderen dat het onze werkwijze op z’n kop zet.”

Volgens Karyn Georges, hoofd advies bij het Britse Isle Utilities, zijn de kansen ongekend groot. Recentelijk stond Karyn aan het hoofd van het team van het onderzoeksproject van het Britse Waterindustrie Onderzoek (UKWIR) naar het beheersen en verzamelen van FOG.

De conclusie van het diepgaande onderzoek was dat technologische ontwikkelingen het mogelijk maakte dat FOG bijna overal aan het stelsel verwijderd kon worden en gebruikt kon worden om inkomen te genereren. Dit was de reden dat Karyns team als doel gesteld heeft om in 2030 alle FOG om te kunnen zetten in een grondstof. 

Karyn: “We kunnen de  gebruikte bakolie die mensen in de gootsteen of vetafscheiders gooien, scheiden en verzamelen. Je kan ook bij pompstations het vervuilde spul ophalen. Er wordt momenteel technologie ontwikkeld dat bijna commercieel toepasbaar is. Dit geldt ook voor vetklompen (ook wel fatbergs genoemd); er zijn bedrijven die dat al kunnen verwerken tot biodiesel.”

Uit haar onderzoek bleek dat je FOG zelfs uit rioolwaterzuiveringsinstallaties kunt halen. “Het is een grotere uitdaging, vanwege de grote hoeveelheid water, maar je kan FOG bij het inlaatpunt opvangen en er biodiesel van maken. Het belangrijkste is het ontwateren van de FOG en zorgen dat de hoeveelheid water laag genoeg is om het materiaal op rendabele wijze te verzamelen.”

“Als je met succes de FOG kan verzamelen, kun je mogelijk winst genereren, of op zijn minst kostenneutraal werken. Er zijn kansen voor biodiesel, vooral voor de transportsector, en voor biogas. Beidenzijn goed te verkopen. 

Onze ambitie is om tegen  2030 al het afval om te zetten in een grondstof. Voor ons betekent dit het daadwerkelijk verzamelen van alle gebruikte bakolie van huishoudens en ervoor zorgen dat we al de FOG uit het rioolstelsel kunnen halen. 

Laten we zeggen dat tegen 2050, we geen vrije dumping in het riool meer hebben, dus geen blokkades meer. Om dit te realiseren moeten alle horecazaken adequate vetafscheidingsinstallaties hebben en al die FOG gebruiken om energie op te wekken. De technologie voor het verzamelen en hergebruiken van FOG is er. Het is een waardevolle grondstof.”

Oliver Loebel, secretaris-generaal bij EurEau, de Europese federatie van nationale organisaties in de (afval)watersector, vind ook dat er een “enorm potentieel” is, maar benadrukt dat het belangrijk is om voor een duurzaam implementatiemodel voor de technologie te zorgen. 

“Ik denk dat de watersector veel te bieden heeft qua circulaire steden en economieën. Er is veel technologie beschikbaar. De belangrijkste vraag is: hoe kunnen we duurzame economische businessmodellen ontwikkelen? Is er een markt voor? Is het milieuvriendelijk? Besparen we uiteindelijk op grondstoffen? En er is samenwerking nodig. We kunnen deze verandering niet alleen in gang zetten. We hebben partners nodig, zoals gemeenten, bedrijven, maar ook het publiek. En natuurlijk innovatie. Niet alleen technologisch, maar ook innovaties in openbaar bestuur en management.”

Er is iemand die nu al technologie inzet om bijzondere dingen met FOG te doen. Dirk Kronemeijer is de oprichter van GoodFuels, een duurzame brandstofproducent. Het bedrijf richt zich op het maken van biobrandstoffen voor luchtvaart, scheepvaart en zwaar wegvervoer.

Dirk: “Wie had er gedacht dat je kon vliegen met iets dat geen fossiele herkomst heeft, maar gemaakt is van enkel organisch of afvalmateriaal? Wij willen het duurzame model worden. Dat is onze droom. We hebben een grote passie voor duurzaamheid en we willen allemaal brandstof maken afkomstig van afvalolie en -vet . 

Dirks bedrijf groeit snel, zelfs zonder internationale wetgeving rond duurzame brandstoffen. “Als ik moet wachten op internationale wetgeving, kan ik lang wachten. Het enige wat volgens ons de transitie kan versnellen, is druk uitoefenen op al die vrachtvervoerders en naar de Heinekens en IKEA’s van deze wereld gaan en zeggen: ‘Luister jongens, jullie dragen een verantwoordelijkheid. Koop de brandstof iets anders in en help ons de wereld te veranderen.’ En dit is wereldwijd groeiende.”